Trio II energiedisplay

Besparend effect energiedisplays als enige nu hard bewezen

Onderzoekspartners: Planbureau voor de Leefomgeving, Universiteit van Tilburg

Periode: 2018-2021


Projectomschrijving: Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en de Universiteit van Tilburg (UvT) hebben afgelopen 3 jaar grootschalige pilots met energieverbruiksmanagers wetenschappelijk onderzocht. Het doel hiervan was om de effectiviteit van drie verschillende typen energieverbruiksmanagers in Nederland vast te stellen. De drie onderzochte typen zijn een mobiele app, een webapplicatie in combinatie met emails en een eenvoudige energiedisplay.     

Rol Quintens:

Voor de grootschalige pilot met energiedisplays heeft Quintens het projectmanagement uitgevoerd, zie de EDA-evaluatie. Daarvoor hebben we marktonderzoek uitgevoerd en een leverancier geselecteerd, samen met de lokale bewonersondersteunende partijen. Vervolgens hebben we het onderzoek in het veld gecoördineerd zodat de werving van deelnemers, de training van degenen die de energiedisplays gingen installeren en de verdere implementatie op een vergelijkbare plaatsvond, zodat wetenschappelijk onderzoek in een 'veldsituatie' mogelijk was met een prachtig resultaat tot gevolg.

Resultaat:

Volgens het onderzoek leidt alleen de eenvoudige energiedisplay, ook wel In-Home-Display genoemd, tot significante besparingen. De besparingen uit dit onderzoek laten gemiddeld 2,2 procent voor elektriciteit en wel 6,9 procent op gas zien met een simpele energiedisplay. Eén van de belangrijkste factoren voor dit resultaat is de feedback van het energieverbruik 'van dit moment' voor zowel gas als elektriciteit. De display is altijd aanwezig op een plek in huis waar je vaak langs loopt en zichtbaar 'als een klok aan de muur'. Zo is het actuele verbruik ook zichtbaar voor het gehele gezin, zonder dat het nodig is een extra handeling te verrichten (inloggen op een portaal, app erbij pakken en activeren). Het verschil in actueel en historisch verbruik en de gemakkelijke zichtbaarheid zonder extra handelingen vormen waarschijnlijk belangrijke redenen waarom apps en websites in dit onderzoek geen aantoonbare energiebesparing hebben laten zien. 

Vervolg:

Quintens heeft al eerder op basis van internationaal onderzoek en positieve projecten, zoals het project met de Powerplayer in IJsselmonde, gekozen om organisaties ertoe te bewegen voor de energiedisplay als hulpmiddel te kiezen. Het onderzoek van het PBL bevestigt andermaal - en nu ook wetenschappelijk onderbouwd - dat we hiermee op de goede weg zijn. Dit geldt ook voor het opschalingsproject 'Meters maken' van de huurderskoepel Woonbond & woningcorporatie koepel Aedes, waarbij corporaties worden uitgedaagd om energiedisplays 'default' beschikbaar te stellen aan bewoners. Verschillende corporaties maken al plannen hiermee te starten, zowel met 50 woningen, maar ook voor bijvoorbeeld alle 10.000 woningen van een corporatie. Sommige corporaties kunnen dit financieren in combinatie met lopende projecten. De Regeling Reductie Energiegebruik Woningen (RRE-W), toekend aan gemeenten, is echter ook uitermate geschikt om in te zetten voor een eerste start.